Look-zonder-look
Alliaria petiolata
Opgesteld met AI, nog niet nagekeken
De teksten in deze gids worden door een taalmodel opgesteld en daarna per onderdeel door de redactie nagekeken. Bij deze soort is dat nog niet gebeurd.
Wat nog niet is nagekeken kan fouten bevatten. Leg er een tweede bron naast voordat je iets eet, en loop de dubbelgangers na bij de plant zelf.

Foto: O. Pichard, CC BY-SA 3.0 via Wikimedia Commons
Jong blad is op zijn best van maart tot mei; zaden vanaf juni als "wilde peper".
Een plant uit de koolfamilie die naar look ruikt zonder er familie van te zijn. Blad, bloemen en zaden zijn rauw eetbaar, met een lichte knoflook-mosterdsmaak. Verhitten verpest het aroma, dus vooral koud gebruiken. Hij staat in schaduwrijke, voedselrijke bosranden, en daar staan in dezelfde weken ook gevlekte aronskelk en speenkruid: wrijf dus altijd even, want die twee ruiken nergens naar.
Herkennen
- Meestal tweejarige plant van 15 tot 90 cm. In het eerste jaar alleen een rozet van LANG GESTEELDE, min of meer hartvormige of niervormige bladen met een afgeronde top; in het tweede jaar een stengel met hartvormige, gegolfde, grof getande of gekartelde bladen.
- Het blad is dun, MAT en netnervig, met een duidelijk grof getande of gekartelde rand. Dat is het verschil met het glanzende, gaafrandige blad van gevlekte aronskelk en speenkruid.
- Alle bladen ruiken bij kneuzen naar look of ui. Ruik je niets, laat dan staan.
- Witte bloempjes met vier kroonbladen van 3 tot 6 mm (soms tot 9 mm), twee keer zo lang als de kelkbladen, van april tot en met juni. In maart is er nog geen bloem: dan beslist de geur.
- Lange, smal lijnvormige zaadhauwen van 2 tot 7 cm, schuin rechtop aan korte afstaande stelen.
- Licht beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke grond: heggen, bosranden, struwelen, loofbossen en halfbeschaduwde bermen. Algemeen en inheems.
In de buurt te vinden
Op de grote kaart →Openbare plekken van Look-zonder-look, met jouw omgeving in beeld. Tik een pin voor details.
Kaart wordt geladen…
Regels en respect
- Zeer algemeen, plaatselijk zelfs woekerend; plukken mag hier ruim, met mate.
- Trek geen hele planten uit. Blad plukken is genoeg en de plant komt terug.
Meer lezen en bronnen
Veelgestelde vragen over look-zonder-look
- Wanneer kun je look-zonder-look plukken?
- Look-zonder-look is in Nederland te plukken in maart tot en met mei. Jong blad is op zijn best van maart tot mei; zaden vanaf juni als "wilde peper". Het weer van dat jaar schuift dat een paar weken op, dus kijk naar de plant en niet naar de kalender.
- Wat kun je van look-zonder-look eten?
- Van look-zonder-look eet je de bladeren, de bloemen en de noten of zaden.
- Hoe herken je look-zonder-look?
- Meestal tweejarige plant van 15 tot 90 cm. In het eerste jaar alleen een rozet van LANG GESTEELDE, min of meer hartvormige of niervormige bladen met een afgeronde top; in het tweede jaar een stengel met hartvormige, gegolfde, grof getande of gekartelde bladen. Het blad is dun, MAT en netnervig, met een duidelijk grof getande of gekartelde rand. Dat is het verschil met het glanzende, gaafrandige blad van gevlekte aronskelk en speenkruid. De volledige kenmerken staan hierboven onder Herkennen; de Latijnse naam is Alliaria petiolata.
- Waarmee kun je look-zonder-look verwarren?
- Look-zonder-look lijkt op gevlekte aronskelk en gewoon speenkruid. Je plukt look-zonder-look als blad, in maart tot mei, in schaduwrijke bosranden op voedselrijke grond. Precies daar komen in dezelfde weken twee giftige planten met een min of meer hartvormig blad boven de grond. Alle drie zijn ze te scheiden op twee dingen die je in twee tellen checkt: de bladrand en de geur. De tabel hierboven zet de kenmerken naast elkaar; twijfel je, laat hem dan staan.
- Is look-zonder-look giftig?
- Look-zonder-look is eetbaar, maar er zijn voorwaarden. Wrijf en ruik, elke keer, ook op een plek die je kent. Look of ui betekent goed; geen geur betekent niet meenemen. Het risico zit vooral in de verwarring: look-zonder-look lijkt op gevlekte aronskelk en gewoon speenkruid. Zie de tabel hierboven.