Pluknet
Kruiden

Zeeaster (zulte)

Tripolium pannonicum

Jong blad in het voorjaar en de vroege zomer, vóór de bloei; daarna wordt het taai.

De zeeaster, in Zeeland 'lamsoren' en in het noorden 'zulte' genoemd, is een van de bekendste zilte groenten van de kwelder. De jonge, vlezige bladeren smaken van nature zout en zijn rauw of kort gegaard lekker. Je vindt de plant op slikken en schorren die bij vloed onderlopen.

Herkennen

  • Rozet van vlezige, lancetvormige bladeren die aan een lamsoor doen denken; van nature zilt van smaak.
  • Groeit op zilte kwelders, schorren en slikken in het getijdengebied (Zeeland, Waddenkust).
  • Bloeit juli–september met paarse straalbloemen rond een geel hart, typisch een aster.
  • Stengel vaak roodachtig aangelopen; plant 15–60 cm hoog.

Wat je kunt eten

  • Jonge bladeren en scheuten, geplukt vóór de bloei, rauw of gekookt.
  • Jonge, nog gesloten bloemknoppen.

In de keuken

  • Rauw door een salade voor een zilte bite.
  • Kort blancheren of even wokken, als spinazie; niet extra zouten.
  • Lekker bij vis; een klontje boter en klaar.

Let hierop

  • Verwar niet met lamsoor (Limonium vulgare) op dezelfde kwelder: niet giftig, maar taai en niet lekker.
  • Pluk geen planten uit vervuild water; zeeaster kan zware metalen opnemen (bijvoorbeeld langs de Westerschelde).
  • Spoel het blad goed; kwelderslib en zout blijven makkelijk hangen.

Regels en respect

  • Betreed kwelders alleen waar dat mag; blijf weg bij broedvogels en houd het getij in de gaten.
  • Pluk met mate en snijd alleen jong blad; laat de plant staan zodat hij doorgroeit.

Meer lezen

Deze gids helpt bij herkennen, maar vervangt geen gids van vlees en bloed. Twijfel je ook maar een beetje? Niet eten.